Ana Luísa Amaral

A MAIS PERFEITA IMAGEM
Se eu varresse todas as manhãs as pequenas agulhas que caem deste arbusto e o chão que lhes dá casa, teria uma metáfora perfeita para o que me levou a desamar-te. Se todas as manhãs lavasse esta janela e, no fulgor do vidro, além do meu reflexo, sentisse distrair-se a transparência que o nada representa, veria que o arbusto não passa de um inferno, ausente o decassílabo da chama. Se todas as manhãs olhasse a teia a enfeitar-lhe os ramos, também a entendia, a essa imperfeição de Maio a Agosto que lhe corrompe os fios e lhes desarma geometria. E a cor. Mesmo se agora visse este poema em tom de conclusão, notaria como o seu verso cresce, sem rimar, numa prosódia incerta e descontínua que foge ao meu comum. O devagar do vento, a erosão. Veria que a saudade pertence a outra teia de outro tempo, não é daqui, mas se emprestou a um neurónio meu, uma memória que teima ainda uma qualquer beleza: o fogo de uma pira funerária. A mais perfeita imagem da arte. E do adeus.
HET MEEST VOLMAAKTE BEELD
Als ik elke morgen de naaldjes op zou vegen die deze struik laat vallen en de vloer aanveegde die hun woning biedt, dan had ik een volmaakte metafoor voor waarom ik niet langer van je houd. Als ik elke morgen dat raam zeemde en in de glans van glas voorbij mijn spiegelbeeld de doorzichtigheid voelde verslappen die het niets vertegenwoordigt, zou ik zien dat de struik niet meer is dan een hel zonder de decasyllabe van de vlam. Als ik elke morgen het web bekeek dat zijn takken siert, zou ik ook dat begrijpen, die onvolmaaktheid van mei tot augustus die zijn draden aantast en hun geometrie onttakelt. En de kleur. Zelfs als ik dit gedicht nu zag bij wijze van conclusie, zou ik merken hoe zijn vers groeit, ongerijmd, in een onvaste, brokkelige prosodie die afwijkt van het mij vertrouwde. De traagheid van de wind, erosie. Ik zou zien dat het verlangen behoort tot ander web uit andere tijd, niet van hier is maar zich leende aan een neuron van mij, een herinnering die nog koppig haakt naar iets van schoonheid: het vuur van een brandstapel. Het meest volmaakte beeld van kunst. En van afscheid.
Uit: A Arte de ser Tigre, Lissabon, Gótica, 2003 Vertaling: Arie Pos
|