Hanny Michaelis
In de
vallende avond
keek ik
naar buiten en zag
tussen
bekende bomen in de verte
een
onbekend wit huis.
Mijn
blik begroette het verrast
als
voorpost van een weergaloze wereld
die ooit
voor me zou opengaan.
De
volgende avond was het huis
weg. Hoe
ik ook bleef turen
in de
schemering of overdag,
het liet
zich niet meer zien.
Een
overhaaste belofte overhaast
ingetrokken.
Sinds tientallenjaren
rijst
het plotseling in me op:
een wit
huis tussen verre bomen.
Onvindbaar.
Buitenaards.
Uit: Tirade, mei 2000 (jaargang 44, nr. 2)