William Cliff  België - Wallonië

 

Le rêve de Baudelaire

 

le vin n'est pas très bon

pour passer sur le pont

         d'un ennui qui

         nous fait ici

avoir conversation

 

car faut-il encor boire

du vin afin d'avoir

         la force de

         traverser le

massacre de ce soir?

 

allez! remplis mon verre

de vin afin de faire

         oublier l'a-

         ride plagiat

qui sort de mes mollaires!

 

allez! dans la nuit fade

verse-moi ma rasade

         pour que j'oublie

         les cheveux gris

dont mon crâne est malade

 

lève ton verre allez!

je bois à ta santé

         cette nuit passe

         et dans sa nasse

nous sommes emportés

 

et là les astres rares

brillants comme des phares

         en pénétrant

         nos yeux errants

raconteront l'histoire

 

aux yeux de nos enfants

qui en les regardant

         verront encor

         un en-dehors

les amuser autant

 

que nous nous amusons

dans la conversation

         avec ce vin

         dont le venin

replombe nos prisons

  

ô rêve qui ne cesse

d'abreuver ma tristesse

         où est l'eau vive

         qui me livre

aux voeux de ma jeunesse?

 

c'était un air magique

aux plages de Belgique

         avec la mer

         qui sur mes nerfs

gonfle mon coeur et gicle

 

son écume c'était

une dune où j'étais

         en train de ra-

         vir une proie

qu'on ne ravit jamais

 

aux chemins de la terre

bomber le torse et faire

         grandir ses yeux

         comme tous ceux

qui savent la lumière

 

c'était la caravane

à travers la montagne

         c'était de dor-

         mir dans ton corps

comme un oiseau qui plane

 

et monte dans les airs

sans sentir que ses ailes

         s'étendent c'é-

         tait l'insensé

rêve de Baudelaire

 

aussi de n'avoir ja-

mais le regard trop bas

         et aller en-

         cor hors du rang

mortel qu'on nous prévoit

 

et encore et toujours

dans la longueur du jour

         dans la menace

         et le désastre

ta gloire ô Mon Amour



De droom van Baudelaire

 

Niet goed genoeg die wijn

om de verveling te

overbruggen

die ons hier nu

een gesprek doet hebben

 

want moet men nu nog wijn

drinken om de kracht te

hebben het bloed

bad van deze

avond te doorstaan?

 

komaan!  vul mijn glas met

wijn om mij het dor pla-

giaat te doen

vergeten dat

uit mijn maaltanden schiet!

 

Komaan!   giet mijn glas boor-

devol in de weeë nacht

opdat ik de

grijze haren

van mijn schedel vergete!

 

hef je glas komaan!  ik

drink op je gezondheid

deze nacht gaat

voorbij en in zijn

fuik worden we meegesleurd

 

en daar vreemde sterren

fonkelend als vuurtorens

terwijl ze onze zwervende

ogen binnendringen

zullen ze ‘t verhaal vertellen

 

in de ogen van onze kinderen

die terwijl ze hen bekijken

nog een buiten

staander zullen

zien die hen zo amuseert

 

als wij ons amuseren

tijdens het gesprek met

deze wijn wiens

venijn onze

gevangenissen verzegelt

  

o droom die niet ophoudt

mijn droefheid te laven

waar is ‘t levenswater

dat mij aan mijn

jeugdwensen overlevert?

 

het was een magische lucht

aan de Belgische stranden

met de zee die

op mijn kracht mijn

hart opblaast en haar schuim

 

doet spatten het was een

duin waar ik bezig was

een prooi te scha-

ken een prooi die

men nimmer schaken kan

 

op wegen van aarde

een borst opzetten en

zijn ogen ver-

groten zoals al

zij die het licht kennen

 

het was de Naravaan

doorheen de bergtoppen

het was in je

lichaam slapen

zoals een vogel die zweeft

 

en in de lucht opstijgt

zonder te voelen dat

zijn vleugels zich

uitstrekken het was

de dwaze droom van Baudelaire

 

de blik nooit te laag

te werpen en nog

buiten de ster-

felijke rang

te gaan die men ons voorspelt

 

en nog en altijd weer

in de lengte van de dag

in de dreiging

in het onheil

jouw glorie o mijn liefde

 

Vertaling: Frank De Crits