|
Kader Abdolah
(Iran, 1954) debuteerde in 1993 met de verhalenbundel De adelaars. Na De meisjes
en de partizanen (1995) verscheen zijn eerste roman De reis van de lege flessen
(1997), gevolgd door Spijkerschrift (2000), Portretten en een oude droom (2003),
Het huis van de moskee (2005), het tweeluik De boodschapper en De Koran (2008)
en De koning (2011). Zijn boeken zijn in meer dan twintig landen vertaald .In
2011 schreef hij het boekenweekgeschenk De Kraai.
Tahmina Akefi
(1983) is geboren in Kabul en heeft er tot haar twaalfde gewoond. Tahmina heeft
Journalistiek gestudeerd en werkte tot begin 2011 voor het NOS Journaal.
Daarvoor werkte ze voor Omroep West en het ANP. In 2007 en in 2009 reisde ze
naar Afghanistan. De eerste keer ging ze naar Uruzgan (Kamp Holland) en de
tweede keer bezocht ze haar geboorteplaats Kabul. Hierna schreef Akefi een
weblog. En nog even later werd ze door literair agentschap Sebes & van Gelderen
gevraagd een boek te schrijven. Haar boek Geen van ons keek om werd in 2011
uitgeven door De Geus. Momenteel werkt Tahmina aan verhaal dat zich afspeelt in
de jaren ‘20 en ‘30 in historische stad Herat.
Yasmine Allas
(1967) verliet op jonge leeftijd haar geboorteland Somalië en kwam in 1987 in
Nederland terecht. In 1998 debuteerde ze met de succesvolle roman Idil, een
meisje. Ook haar tweede roman De generaal met de zes vingers (2001) werd in de
literaire kritiek lovend ontvangen. Nadat zij overstapte naar De Bezige Bij
verscheen in 2004 haar derde roman De blauwe kamer. Allas schrijft geregeld
essays en opiniestukken voor onder meer de Volkskrant. Ontheemd en toch thuis
(2006) bevat zes essays over hoe zij omgaat met de Nederlandse cultuur, haar
achtergrond en eigen overtuigingen. In 2010 verscheen haar meest recente roman,
Een nagelaten verhaal.
Gerbrand Bakker
(1962) is schrijver, hovenier en schaatstrainer. Hij schreef vier romans, De
omweg (2010) is de meest recente. Zijn werk wordt in vele talen vertaald. Het
boek Boven is het stil werd vele malen bekroond. In 2013 komt een verfilming van
dit boek in de bioscopen en iets later volgt een theaterbewerking van Perenbomen
bloeien wit.
H.C. ten Berge
(1938)
is schrijver, dichter, essayist en vertaler. Recente publicaties Hollandse
Sermoenen (poëzie, Atlas 2008), Schimmen in de Kloostertuin, verhalen en
observaties (Lombardus Pers 2008), Voorbeeldige vertellingen en hun versluierde
betekenis (mythische verhalen en hun achtergronden, Atlas 2009). Intieme
kronieken van Christopher Middleton en Een verhaal over het lichaam van Robert
Hass (twee poëzievertalingen) werden in 2010 uitgebracht. In 2012 verschijnt De
stok van Schopenhauer, een documentaire roman. De auteur ontving o.m. de
Constantijn Huygensprijs (1996), de A. Roland Holst penning voor poëzie (2003)
en de P.C. Hooftprijs (2006).
Oscar van den Boogaard
(1964) studeerde Frans in Montpellier en rechten en Frans aan de UvA. In 1990
verscheen zijn officiële debuut Dentz, een roman waarin afgerekend wordt met de
normen en conventies van de oudere generatie. Zowel Dentz als zijn tweede roman
Fremdkörper (1991) vertonen een optimistische visie op het bestaan, omdat de
hoofdpersonen alle vrijheid hebben om individuele keuzes te maken in een
samenleving die hen daartoe in staat stelt. In 1993 begon van den Boogaard samen
met Jan Mot in Brussel de kunstgalerie Mot & Van den Boogaard. Ze maakten
tentoonstellingen met internationale jonge kunstenaars o.a. Douglas Gordon,
Tracey en Rineke Dijkstra.
Khalid Boudou
(1974) oogstte lovende kritieken met zijn debuutroman Het schnitzelparadijs (2001). De
roman werd bekroond met Het Gouden Ezelsoor 2002. De verfilming van dit boek was
zowel nationaal als internationaal een groot succes. Boudou publiceerde in 2005
zijn tweede roman, De President, een hilarische satire op het huidige politieke
klimaat van schreeuwen en overschreeuwen, en een aanklacht tegen de regerende
laksheid en waanzin. In 2007 komt zijn eerste jongerenroman, PizzaMaffia. uit.
Boudou schreef theaterstukken voor onder andere Briza en verhalen en artikelen
voor o.a. NRC Magazine, Esquire en de Volkskrant. Hij presenteerde het
Tv-programma Zaal Hollandia, de studie-DVD Van schrijver tot lezer en was lange
tijd columnist en politiek commentator voor het Algemeen Dagblad. Tegenwoordig
is hij vaste columnist voor het BNR-nieuwsradio. Een aantal van deze columns
zijn verzameld in de bundel: Je bent voor of je bent tegen.
Conny Braam
(1948)
werkte eind jaren zestig bij Trouw. In die periode raakte ze betrokken bij
politieke bewegingen die solidair waren met de vrijheidsstrijd in de derde
wereld. In 1970 richtte ze samen met anderen de Antiapartheidsbeweging Nederland
op, waarvan ze tot 1994 voorzitster was. Na de vrijlating van Nelson Mandela in
Zuid-Afrika schreef ze Operatie Vula over haar betrokkenheid bij het
Zuid-Afrikaanse verzet. Daarna volgden nog vele romans. Het meest recente werk
is De handelsreiziger van de Nederlandse Cocaïne Fabriek.
Wim Brands (1959) werkte na de School voor de Journalistiek als verslaggever voor onder meer het
Leidsch Dagblad. Hij schreef verhalen voor Vrij Nederland en het danstijdschrift
Notes. Maakt thans boekenprogramma’s voor de VPRO, zowel radio als televisie.
Brands is tevens dichter, zijn meest recente bundel is Neem me mee, zei de hond.
Het verhaal Drilboren, een ode aan korte teksten, verscheen eerder in het
literaire tijdschrift Raster.
Jelle Brandt Corstius
(1978) studeerde geschiedenis en journalistiek in Groningen. Hij is 5 jaar
correspondent in Rusland voor o.a. Trouw en De Standaard geweest. Tijdens zijn
verblijf daar heeft hij voor de VPRO twee succesvolle series van reisreportages
gemaakt: Van Moskou tot Magadan (2009) en Van Moskou tot Moermansk (2010). Hij
schreef over zijn reiservaringen twee boeken: Rusland voor gevorderden en Kleine
landjes, berichten uit de Kaukasus. In 2010 en 2011 presenteerde hij
Zomergasten. Brandt Corstius gaat een nieuwe serie in India maken en hij is
bezig met een nieuw boek: Universele Reisgids voor Moeilijke Landen.
René
F.W. Diekstra is werkzaam als professor of psychology aan de Roosevelt
Academy in Middelburg. Hij is tevens lector jeugd en opvoeding verbonden aan de
Haagse Hogeschool. Hij is (co-)auteur van ruim 200 internationale
wetenschappelijke tijdschrift-publikaties en ruim 30 wetenschappelijke
boekpublikaties. Hij richtte het blad Psychologie Magazine op, introduceerde de
cogniteve Gedragstherapie in ons land en werkt inmiddels ruim 25 jaar als
columnist voor onder andere een aantal dagbladen en de Staatscourant. , Hij is
voorts een internationaal vermaard suicidoloog, deskundige op het gebied van
oorzaken en preventie van suicidaal gedrag. Voor zijn werk op dit gebied ontving
hij de hoogste internationale onderscheiding, de Stengel Award, van de
International Association for Suicide Prevention and Crisis Intervention. In ons
land heeft zijn werk op dit terrein samen met Nico Speijer, de grondslag gelegd
voor de huidige wet- en regelgeving ten aanzien van hulp bij zelfdoding en
euthanasie. In zijn vrije tijd is hij werkzaam als psycholoog-historicus. Zijn
meest recente boek op dit gebied, het onlangs verschenen De Macht van een
Maitresse. Hoe passie en politiek de laatste prins fataal werden (Karakteruitgevers,
2011), een psychologisch-historisch werk over het raadsel van de dood van de
laatste prins van Condé, heeft zowel in binnen- en buitenland grote aandacht en
zeer positieve ontvangst gekregen.
Adriaan van Dis (1946)
is schrijver van een groot oeuvre dat men kan onderverdelen in Indische romans
(zoals Nathan Sid, Indische duinen en Familieziek), karakterromans (o.a. Zilver
en Dubbelliefde) en reisromans en –boeken (o.a. Barbaar in China, Het beloofde
land, Leeftocht). Een aantal van zijn boeken vertelt – in verschillend
leeftijdsperspectief en in verschillende toonsoorten - het verhaal van een
repatriantengezin dat een nieuw bestaan in Nederland probeert op te bouwen. Het
werk van Van Dis vertoont grote thematische samenhang en psychologische
ontwikkeling. In veel boeken verwerkte hij eigen (jeugd)herinneringen. In al
zijn boeken toont hij een toeschouwer die probeert te duiden wat hij ziet: een
buitenstaander. Maar wel een betrokken buitenstaander. Dat is ook het geval in
de romans De wandelaar ( 2007) en Tikkop (2010) . In 2011 publiceerde hij
Stadsliefde, een literaire verkenning van het Parijs als sociaal
laboratorium.Ter gelegenheid van de VPRO-televisieserie Van Dis in Indonesië
verscheen de met foto’s uit het familiearchief geïllustreerde bundel de
Indiëboeken, verrijkt met een aantal essays over herinnering en migratie.
Arthur Docters van
Leeuwen (1945) was onder meer hoofd van de bvd, procureur-generaal bij het
gerechtshof te Den Haag en voorzitter van de Autoriteit Financiële Markten. Nu
is hij met pensioen en teruggekeerd naar zijn eerste liefde: schrijven. In 2011
kwam zijn sprookjesboek Late sprookjes uit. In Late sprookjes breidt Arthur
Docters van Leeuwen het universum dat we kennen uit met een ongekend universum,
dat bevolkt wordt door een grote variëteit aan wezens die je alleen maar kunt
zien als ze gezien willen worden en als wij ze willen zien.
Renate Dorrestein
(1954) debuteerde in 1983 met de roman Buitenstaanders. Daarna verscheen er
vrijwel ieder jaar een nieuwe titel. Haar werk is inmiddels in vijftien talen
vertaald en werd in Nederland en Duitsland verfilmd. Haar romans werden
genomineerd voor de Libris Literatuur Prijs, de Gouden Uil, AKO Litratuur Prijs,
Trouw/NS Publieksprijs, de Boekdelenprijs en The International IMPAC Dublin
Literary Award. Zij ontving de Annie Romein Prijs voor haar gehele ‘eigenzinnige
en onweerstaanbare’ oeuvre. Op uitnodiging van de CPNB schreef zij zowel het
Boekenweekgeschenk 1997 als het Boekenweekessay 2008. Dorrestein was
writer-in-residence aan de University of Michigan in de VS, The International
Writing Program van de University of Iowa in de VS, The Tyrone Guthrie Centre in
Ierland, de Sorbonne in Frankrijk, en in Nederland aan de Vrije Universiteit in
Amsterdam en de Universiteit van Leiden.
Pam Emmerik
(1964) is
schrijver en beeldend kunstenaar. Ze debuteerde in 1997 met de verhalenbundel
Soms feest (bekroond met de Betje Wolffprijs) en in 2000 verscheen haar roman
Het bottenpaleis (bekroond met de Halewijnprijs). Ze schreef twee
toneelstukken I love you in de bosjesen Het voorvocht van een beschermengel. Dat
haar fictie en haar stukken uit NRC Handelsblad en De Groene Amsterdammer elkaar
versterken bleek in haar essaybundel Het wonder werkt (2004), die bekroond werd
met de J. Greshoffprijs 2006.
Rodaan Al Galidi woont
sinds 1998 in Nederland. Al Galidi heeft hij een plaats verworven in de
Nederlandse literaire wereld als dichter, schrijver en columnist met vijf
gedichtenbundels, vier romans en drie boeken met gebundelde columns op zijn
naam. In 2011 ontvangt hij voor zijn roman De autist en de postduif de Europese
Unie Prijs voor de Letteren voor Nederland. In 2012 verschijnt zijn nieuwe
dichtbundel De maat van de eenzaamheid.
Bas Haring (1968) is een filosoof en informaticus, schrijver van kinderboeken en
populairwetenschappelijk werk, televisiepresentator alsook hoogleraar aan de
Universiteit van Leiden. Zijn boek Kaas en de evolutietheorie ontving de Gouden
Uil voor jeugdliteratuur. Hierna verschijnen De ijzeren wil (2003) en Voor een
echt succesvol leven. Haring schrijft ook columns voor o.a. de Volkskrant.
Plastic panda's. Over het opheffen van de natuur (2011) is zijn laatste werk.
Hij schrijft columns voor de Volkskrant.
Dorine Hermans (1959)
studeerde geschiedenis in Leiden. Ze publiceerde over het koninklijk huis in
onder meer NRC Handelsblad en de Volkskrant en was vaste medewerker van
Elsevier. In 2002 verscheen haar biografie Pieter van Vollenhoven, burger aan
het hof. Met Daniela Hooghiemstra publiceerde ze de veelbesproken boeken Vertel
dit toch aan niemand (2006) en Voor de troon wordt men niet ongestraft geboren
(2007). Op het laatste boek werd de avro-televisieserie De Troon gebaseerd. In
2011 verschijnt van hun hand Ik mag ook nooit iets. Willem-Alexander in zijn
eigen woorden.
Suzanna Jansen (1964) volgde een balletopleiding aan de Rotterdamse Dansacademie, en maakt daarna de
overstap naar de studie Communicatie aan de HEAO. Ze woonde en werkte als
correspondent in Moskou en schreef voor o.a. De Morgen, NRC Handelsblad, Trouw,
HP/deTijd en Opzij. In 2008 schreef zij Het Pauperparadijs. In dit boek
beschrijft zij de geschiedenis van haar voorouders en onder meer hun verblijf in
de gestichten van de Maatschappij van Weldadigheid in Veenhuizen. Het boek werd
een bestseller. In 2010 verscheen de 31e druk. In 2010 verschijnt De
pronkspiegel en in 2011 De hemel is goud.
Francisco van Jole
(1960) is de eerste en bekendste internetjournalist van Nederland. Hij
publiceerde al in 1994 De Internet Sensatie, een verslag van zijn reizen door
cyberspace. Zijn nieuwsbrief de Daily Planet, was in de jaren negentig de
populairste Nederlandse online publicatie. Van Jole is journalist voor print,
tv, radio en online media. Hij presenteerde onder andere Tros Radio Online en
het opinieprogramma Deining. Verder was hij vast columnist bij het tv-programma
De Leugen Regeert. Voor deze omroep maakte hij ook de tv-serie Is Dat Eigenlijk
Wel Zo?, een zoektocht naar de andere kant van algemeen geaccepteerde
opvattingen. Momenteel is Van Jole eindredacteur van het progressieve opinieblog
De Joop.nl, een blog dat vanaf de lancering in 2009 meteen veel reacties kreeg.
Mensje van Keulen
(1946) debuteerde in 1971 met de roman Bleekers zomer. Dit boek behoort
inmiddels tot de klassieken van de Nederlandse literatuur. In 2011 ontving ze de
Charlotte Köhlerprijs voor haar oeuvre. Haar meest recente titels zijn De
verhalen (2011) en Liefde heeft geen hersens (2012)
Ernest van der Kwast
(Bombay, 1981) is schrijver, organisator van het literaire evenement Nur
Literatur en presentator van De Unie Late Night.Van der Kwast debuteerde in 2005
met de roman Soms zijn dingen mooier als er mensen klappen maar was eerder al
verantwoordelijk voor de verhalenbundel Man zoekt vrouw om hem gelukkig te maken
(2003), die hij onder het pseudoniem Yusef el Halal publiceerde met een groep
collega-schrijvers. Zijn tweede roman Stand In (2007) verscheen eveneens onder
een pseudoniem: Sieger Sloot - een bestaande acteur en schrijver. In 2010
verscheen Mama Tandoori,Het boek werd genomineerd voor de NS Publieksprijs en de
BNG Nieuwe Literatuurprijs en betekende zijn definitieve doorbraak bij het grote
publiek. In mei 2012 verscheen zijn nieuwe boek Giovanna’s navel.
Ted van Lieshout
(1955) is dichter, schrijver, beeldend kunstenaar en grafisch vormgever. In 2009
ontving hij de Theo Thijssen-prijs, die eens in de drie jaar wordt uitgereikt.
Hij kreeg onder meer de Duitse Jeugdliteratuurprijs en de Zilveren Zoen voor
zijn jongerenroman Gebr., de Gouden Griffel voor zijn dichtbundel Begin een
torentje van niks en de Nienke van Hichtum-prijs voor Zeer kleine liefde. Ter
gelegenheid van zijn vijfentwintigjarig dichterschap verschenen in 2009 zijn
verzamelde gedichten onder de titel Hou van mij. Incidenteel schrijft Van
Lieshout o.a. voor Sesamstraat, en werkt hij als hoofdredacteur en vormgever mee
aan het Poëziespektakel, een jaarboek met poëzie voor de jeugd dat in 2012 voor
de vijfde keer zal worden uitgegeven. In 2012 verscheen Ted van Lieshouts eerste
roman voor volwassenen: Mijn meneer.
Jannah Loontjens
is
schrijver en literatuurwetenschapper. Ze promoveerde aan de UvA op haar
proefschrift Popular Modernism. Ze publiceerde twee dichtbundels, Varianten van
nu (2002) en Het ongelooflijke krimpen (2006). In 2007 debuteerde ze als
romanschrijfster met Veel geluk. In 2011 verscheen haar veelgeprezen roman Hoe
laat eigenlijk, die werd genomineerd voor de Halewijn-literatuurprijs. De
Volkskrant schreef over deze roman: 'IJzersterk, bij vlagen Ingmar Bergman-achtig,
psychologisch drama. [...] Subtiel geschreven, indringend verhaal."
Nop Maas (1949) is literatuurhistoricus. Hij publiceerde over o.a. Marcellus Emants, Hanny
Michaelis, Multatuli en Carel Vosmaer. Hij editeerde brievenedities van Willem
Frederik Hermans, Gerard Reve, Geert van Oorschot en Vasalis. Van zijn biografie
van Gerard Reve verschenen tot nu toe twee delen. De verschijning van het derde
en laatste deel wordt opgehouden door obstructie van Reve's erfgenaam.
Alma Mathijsen (1984)
is schrijver en beeldend kunstenaar. Op haar achttiende begon ze met schrijven
voor de jongerenwebsite spunk.nl. Ze was de helft van het duo Fanny & Alma in
Het Parool. Ze schreef twee toneelstukken en een verhalenbundel. In New York
studeerde ze een half jaar Creative Writing aan het Pratt Institute. In 2011
studeert ze af aan de Gerrit Rietveld Academie, afdeling Beeld & Taal. In 2011
kwam haar eerste roman Alles is Carmen uit. Soms is ze tafeldame bij De Wereld
Draait Door.
Maaike Meijer (1949)
is literatuurwetenschapper en hoogleraar genderstudies aan het Centrum voor
Gender en Diversiteit van de Universiteit Maastricht. Zij publiceert op het
gebied van (veelal Nederlandstalige) poëzie en populaire cultuur, en was
hoofdredacteur van de vijfdelige reeks ‘Cultuur en migratie in Nederland’
(2003–’05). Zij bezorgde onder meer De 100 beste gedichten voor de VSB
Poëzieprijs 2011 en M. Vasalis / Geert van Oorschot: Briefwisseling 1951-1987
(met Nop Maas, 2009). In 2011 publiceerde zij M. Vasalis. Een biografie.
Christine Otten (1961)
begon haar schrijvende loopbaan als journalist bij o.a. De Groene Amsterdammer
en Vrij Nederland. Al snel besloot ze zich op literair proza toe te leggen en in
1995 debuteerde ze met de roman Blauw Metaal, die meteen genomineerd werd voor
de Debutantenprijs. Daarna volgden Lente van Glas (1998)en de verhalenbundel
Engel en andere muziekverhalen (2000). In 2004 brak Otten door naar een groter
publiek met de roman De laatste dichters, gebaseerd op de levens van de
militante Afrikaans-Amerikaanse dichtersgroep The Last Poets. Het boek werd
genomineerd voor de Libris Literatuurprijs 2005. In 2008 verscheen Als
Casablanca, een eigentijdse roman over liefde, identiteit en de rol van verhalen
in ons leven.
Willem
Jan Otten (1951) debuteerde in 1974 met poëzie en in 1984 met de roman
Een man van horen zeggen. Voor zijn vierde roman Specht en zoon ontving hij de
Libris-prijs van 2005. Zijn laatste werk is De Vlek (een vertelling in verzen,
2011). Hij schrijft essays voor Letter & Geest (Trouw) en De Groene. In 2000
kreeg hij voor zijn oeuvre de Constantijn Huyghens-prijs.
Rascha Peper (1949)
studeerde Nederlands en werkte een aantal jaren als lerares. Ze woonde een tijd
in Wenen en in New York vanwege het werk van haar man voor Buitenlandse Zaken.
In Wenen begon ze serieus te schrijven en in 1990 debuteerde ze met de
verhalenbundel De waterdame, waarop snel haar eerste roman Oesters volgde. Haar
werk werd van meet af aan lovend ontvangen. De roman Rico’s vleugels (1993) werd
een groot succes en stond op de shortlist van de AKO Literatuurprijs. Russisch
blauw (1995) werd bekroond met de Multatuliprijs 1996. Haar laatste roman,
Vossenblond, verscheen in 2011.
Wanda Reisel
(1955)
schrijft romans, filmscenario's en theaterstukken. Haar romans Baby Storm(1996)
en Een man een man (2000) werden voor de shortlist Libris Literatuurprijs
genomineerd. Witte Liefde (2004) werd genomineerd voor de shortlist AKO
literatuurprijs 2005 en bekroond met de Anna Bijnsprijs 2007. Het toneelwerk is
gebundeld onder de titel Tien Stuks(2006). Plattegrond van een Jeugd(2010)
verbindt fictie en werkelijkheid. Nacht over Westwoud (2011) is haar laatste
succesrijke roman.
Elle van Rijn
(1967)
is bekend als schrijfster, columniste en actrice. Haar romans werden zonder
uitzondering lovend ontvangen. Na haar debuut De tragische geschiedenis van mijn
succes (2006), verschenen De hartbewaakster (2008) en Het vergeten gezicht
(2010). De dag waarop ik Johannes Klein doodreed (2011) is haar nieuwste roman.
Thomas Rosenboom
(1956) debuteert in 1983 met de verhalenbundel De mensen thuis; daarin staat ook
het verhaal Bedenkingen, dat hij al het jaar daarvoor in De Revisor publiceerde.
Al snel volgde de psychologische thriller Vriend van verdienste (1985). Zijn
grote doorbraak kwam met de imposante roman Gewassen vlees (1994), waarvoor hij
de Libris Literatuur Prijs ontving. Hij had meer dan zeven jaar aan de roman
gewerkt, en vijf werkjaren later publiceerde hij Publieke werken (1999) – en
opnieuw won hij daar de Libris Literatuur Prijs mee. Het is een unicum, want tot
op de dag van vandaag heeft geen enkele andere schrijver die prijs tweemaal
ontvangen. In 2003 verscheen De nieuwe man, die genomineerd werd voor de AKO
Literatuurprijs en de NS Publieksprijs. Na het Boekenweekgeschenk Spitzen, het
pamflet Denkend aan Holland en de verhalenbundel Hoog aan de wind verscheen in
2009 zijn meest recente roman: Zoete mond.
A.L. Snijders (1937),
pseudoniem van Peter Cornelis Müller, is een Nederlands schrijver die in Klein
Dochteren woont. Snijders maakte furore als schrijver van columns (onder andere
bij Het Parool) en staat nu bekend als een van de grootste schrijvers van het
zeer korte verhaal, kortweg zkv genoemd. In 2006 verscheen in de reeks van de
Stichting De Roos het boek L.H. en A.L. / A.L. en L.H., geschreven tezamen met
de auteur L.H. Wiener. In 2010 won hij de Constantijn Huygens-prijs voor zijn
gehele oeuvre. A.L. Snijders schrijft zijn zkv's momenteel voor de VPRO-gids en
voor de radioprogramma's De Avonden en De Ochtend van 4 waar hij het zkv zelf
voorleest.
Vrouwkje Tuinman
(1974) publiceerde sinds 2004 de bundels Vitrine en Receptie en de romans Grote
acht en Buurvrouw. ) Ze treedt regelmatig op tijdens festivals en literaire
avonden. Verder schrijft ze voor diverse tijdschriften, waaronder Opzij, en
opdrachtgevers in de muziekwereld. Vrouwkje schreef diverse teksten voor
muziektheater. Onlangs verscheen haar luisterboek Winterslaap. Tuinman ontving
de Hollands Maandblad Poeziebeurs 2003/2004 en werd genomineerd voor o.a. de BNG
Nieuwe Literatuurprijs, de Libra Schrijversprijs, de Debutantenprijs en de
Selexyz Debuutprijs. In 2005 ontving zij het C. C. S. Crone Stipendium van de
stad Utrecht. In 2010 verscheen Intensive care, een samenwerking met fotografe
Andrea Stultiens en in 2011 de bundel Wat ik met de sleutel moet.
Thomas Verbogt (1952)
debuteerde in 1981 met de verhalenbundel De feestavond. Sindsdien schreef hij
vele romans, verhalenbundels en toneelstukken. Met zijn oeuvre groeide ook zijn
publiek. Lange tijd was hij een zeer gewaardeerd auteur maar toch relatief
onbekend, maar al een paar jaar behoort hij tot ‘de eredivisie van de
Nederlandse literatuur’, aldus Pieter Steinz van NRC Handelsblad. Met zijn
humoristische korte verhalen bindt hij veel lezers aan zich. Thomas Verbogt
heeft een dagelijkse column in De Gelderlander, en is regelmatig te horen op de
VPRO-radio.
Robert Vuijsje
(Amsterdam, 1970) rondde na het Barlaeus Gymnasium-A in Amsterdam een studie
Amerikanistiek af aan de Universiteit van Amsterdam en de University of Memphis.
In 2008 debuteerde hij met de roman Alleen maar nette mensen, die de Gouden Uil
won en de Inktaap en werd genomineerd voor de shortlist van de Libris
Literatuurprijs. In 2012 verscheen zijn tweede roman, Beste vriend.
L.H. Wiener (1945) debuteert in 1967 met Seizoenarbeid. Wiener werkt en woont in Haarlem. Hij was
gedurende 40 jaar leraar Engels. Wiener schreef elf verhalenbundels en drie
romans, waarvan Nestor (2002) werd bekroond met de F. Bordewijkprijs en De
verering van Quirina T. (2004) werd genomineerd voor de shortlist van de
Librisprijs. In november 2011 verscheen de roman Shanghai Massage.
Maartje Wortel (1982)
woont en werkt in Amsterdam. Ze publiceerde verhalen in o.a. Passionate
Magazine, Tirade, De Gids en de Revisor en schreef columns voor o.a. NRC next.
In 2007 won zij de verhalenwedstrijd WriteNow! Haar debuut, de verhalenbundel
Dit is jouw huis verscheen in 2009. Voor dit debuut ontving zij de Anton
Wachterprijs en de Venlo Nieuw Prozaprijs. Eind 2011 verscheen haar debuutroman
Half Mens.
Rik
Zaal debuteerde in 2011 als romancier met Verlorenzoon.com, dat lovende
recensies kreeg. Eerder schreef hij de nonfictiebestsellers Spanje, een reisgids
(2002)en het monumentale Heel Nederland (2009). Zijn kinderboek Alles over
Spanje (2003) kreeg een ‘Vlag en Wimpel’ van de Stichting Nederlandse Kinderjury.
Rik Zaal schreef voor de Volkskrant en NRC-Handelsblad, had een column in de
VPRO-gids, en een reisrubriek in Het Parool. Hij maakte jarenlang programma’s
voor de VPRO-radio, en met cameraman Frans Bromet maakte hij een serie van bijna
tweehonderd portretten van bekende Amsterdammers voor de tv-zender AT5: Zaal
over de vloer.
|